Sète: een klein stadje met grootse gastronomie

Eerder vertelde ik jullie wat er allemaal te beleven valt tijdens een citytrip naar veelzijdig Montpellier. Op 30 minuten rijden daarvandaan vind je het karakteristieke vissersdorpje Sète. Bij aankomst was ik gelijk verliefd. Er heerst een hele gezellige en romantische sfeer in het hele stadje. In het centrum vind je vele terrasjes en natuurlijk visrestaurants, maar er is meer waarom je Sète niet over mag slaan bij een bezoek aan de Herault, Languedoc en waarom precies ga ik je nu vertellen.

De meest verse vis eten bij Chez Francois

De eerste en misschien wel allerbeste reden om Sète te bezoeken is omdat je er de allerlekkerste en meest verse vis kunt eten. Zowel vanuit de zee als vanuit het meer vind je er verschillende vissoorten in de vele visrestaurants die het stadje kent. Een van mijn favoriete restaurants is Chez Francois. Dit restaurant vind je direct aan het Canal Royal, het hart van de stad. Het terras is niet groot en wel erg druk en de menukaart is alleen verkrijgbaar in het Frans, maar dat maakt allemaal niet uit want de sfeer én het eten is fantastisch. Van verse mosselen, oesters, kreeft, garnalen tot aan hele gebakken vissen, je hebt het er allemaal. Zelf ging ik voor een schaal vol fruits de mer, en die smaakte net zo goed als dat ie er uit ziet 😉

Naar de vissers en oesterplateaus

Dat het in Sète allemaal om vis draait is vrij logisch. Aan de ene zijde van het stadje vind je namelijk het lagunemeer Étang de Thau en aan de andere zijde de Middellandse Zee. Hierdoor vind je er veel verschillende soorten vissen. Aan het einde van de zomer wordt er vooral op dorades gevist, want die zwemmen dan van de zee de lagune in omdat de zee te koud wordt. Alle vissers zitten dan op een rijtje met hun hengel van ’s ochtends vroeg tot in de middag te vissen. Heel uniek om mee te maken.

De plek waar de vissers hun hengel uitgooien ligt net iets buiten het centrum van Sète in een traditionele visserswijk met authentieke vissershuisjes en oude vissersbootjes. Dit is tevens de visafslag, de plek waar ze hun dagelijkse vangst heen brengen, van inktvissen tot aan sardines en dorades. Het ziet er heel anders uit dan in de rest van Sète en er hangt ook een hele andere sfeer, als een soort dorp in de stad.

Natuurlijk heb je dan nog steeds niet genoeg gezien, want precies aan de andere kant van Séte is het lagunemeer en daar vind je de oesterplateaus. Hier kun je het hele proces van de oesters meemaken. Er was tijdens mijn bezoek helaas geen mogelijkheid om met een boot naar de plateaus te varen, maar die tours zijn er zeker in het hoogseizoen en dat lijkt me wel heel gaaf! Desalniettemin is het ook al heel erg interessant om de oestervissers en hun ‘werkplek’ te bezoeken.

Sète bekijken vanuit iedere mogelijke hoek

Sète is gebouwd tegen de berg Mont Saint Clair. Wanneer je de berg op rijdt krijg je een waanzinnig uitzicht over de hele stad en omgeving. Dit mag je niet missen! Maar er zijn nog meer mogelijkheden om de stad te bekijken. Een daarvan is natuurlijk vanaf het water waardoor Sète omringd wordt. Je hebt drie verschillende boottours waarbij je de zee-, lagune- of kanaaltour maakt. Tijdens de boottocht krijg je informatie over alles wat je ziet. Ik vond dit een hele leuke manier om de stad wat beter te leren kennen. Heb je hierna nog steeds niet genoeg gezien (wat ik me absoluut kan voorstellen) kun je ook nog de vuurtoren bezoeken. Van daaruit heb je namelijk alweer een andere kijk op de authentieke havenplaats.

Al wandelend door de authentieke straatjes

Naast vis en mooie uitzichten heeft Sète ook een heel gezellig centrum. Hier vind je tal van authentieke straatjes met leuke winkeltjes. Een van die winkels die je als culinair liefhebber niet over mag slaan is L’epicerie, hier kun je allerlei leuke (veelal eetbare) souvenirs kopen én je kunt er ook nog eens heel lekker lunchen. Absoluut een aanrader! Een ander winkeltje met allerlei eten vanuit de streek is Maison Janicot. Ook erg leuk om te bezoeken.

Wanneer je door de straatjes slentert kom je ongetwijfeld streetart tegen. Eens in de zoveel tijd is er ook een streetart festival in Sète waarbij kunstenaars zich helemaal mogen laten gaan. Hoe gaaf!

In Sète vind je uiteraard ook een typische Franse overdekte markthal waar je heel veel verse vis, groente, vlees, kaas en ga zo maar door kunt kopen. Het is alleen al leuk om hier doorheen te wandelen, maar wil je graag zelf de handen uit de mouwen steken neem dan eens een kijkje bij Joe Le Cooker. Hier geeft chef Magali namelijk workshops waarbij je eerst samen met haar over de markt loopt en ze je uitleg geeft over allerlei streekproducten waarna je samen met haar aan de slag gaat. Daarna ga je natuurlijk proeven en niet alleen van het eten, maar ook van de lekkerste wijn uit de regio genaamd picpoul. Wil je liever alleen een hapje eten of wijntje drinken? Dat kan ook!

Bezoek de fameuze biscuiterie Pouget

Je kunt Sète niet verlaten zonder een bezoek gebracht te hebben aan biscuiterie Pouget. In deze kleinschalige koekjesfabriek bakt Jean Marie samen met zijn vrouw typisch Cettoise koekjes. Hij staat vooral bekend om zijn navettes, biscuit in de vorm van een boot in anijs-, citroen- of vanillesmaak, en madeleines in chocolade. Het is niet alleen leuk om een praatje met deze lieve mensen te maken en een kopje thee (met uiteraard een koekje erbij) te drinken, het is ook al leuk om er even rond te kijken want je vindt er allemaal oude spulletjes zoals bakgerei, weegschalen etc. Biscuiterie Pouget bestaat al sinds 1913.

Chique dineren in Le Grand Hôtel de Sète

Ook als je wat hoger op niveau wil eten zijn er in Sète mogelijkheden. Zo was ik bij restaurant Quai 17 gevestigd in Le Grand Hôtel de Sète. Dit is een van de vijf restaurants van Sète met een bib gourmand, daarnaast vind je er ook nog één restaurant met een Michelin ster. Best wel wat voor zo’n kleine stad! Bij Quai 17 zie je de entourage van het hotel ook terug in het restaurant, fluwelen stoelen, kandelaars, hoge plafonds en Romeinse architectuur. Ja, in dit restaurant kun je chique eten al is de prijs heel goed te doen! Ik bestelde hier voor de verandering eens een stukje vlees, het was lekker maar ik zou je nog steeds aanraden vooral veel vis te eten. Dat is toch echt de specialiteit van deze stad.

Zelf verbleef ik trouwens in Hotel de Paris midden in het centrum. Een heel fijn hotel met een prima ontbijt. Iedere kamer heeft een ander natuurthema, bijvoorbeeld een kamer met alles van hout of steen. Maar misschien nog wel het allerbelangrijkste, vrijwel alles is op loopafstand van dit hotel. Ideaal!

Genieten van het twaalf kilometer lange strand

De allerlaatste, maar zeker niet minste, reden om Sète te bezoeken is het strand. Langs de 12 kilometer lange kustlijn vind je namelijk een prachtig strand. Het is een beschermd gebied dus je vindt er niet veel behalve zand, schelpen en de Middellandse zee. In de zomer worden er strandtenten opgezet, die heb ik zelf niet gezien maar wel vernomen dat je daar ook lekker kunt eten en er ook veel muziek wordt gespeeld. Daar moet ik nog maar eens voor terugkomen dan!

Zo, als je nu niet overtuigd bent om Sète een keer te bezoeken dan weet ik het ook niet meer. Ik heb er in ieder geval een fantastische tijd gehad en zou er heel graag nog een keer naartoe gaan. Al is het alleen al om vis te eten. Mocht je nog meer informatie willen, neem dan een kijkje op de website van Sète. Ik bezocht Sète op uitnodiging van het Franse toerismebureau. Lees hier onze disclaimer.

Smakelijk delen en printen

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *